Geschiedenis van het stadje Hattem - Rond Uit Hattem, toeristisch informatiepunt van Hattem

Contact

Kerkhofstraat 2, 8051 GG Hattem
Telefoon: 038 - 444 8298
Email: info over evenementen
Email: info over toerisme
Email: adverteren op deze site
Meld hier uw activiteiten aan

Historie

luchtfoto Hattem copyright Page Up design

Hattem ligt op het uiterste noordelijke puntje van de Veluwe, waar een zandrug vanaf de heuvels tot aan de IJssel raakt. De zandrug is ontstaan door verwaaiing van het Veluwemassief toen het hier in de ijstijd nog een onbegroeid landschap was.

Hier ontstond een nederzetting waarvan de bewoners de Hattemer Enk voor de landbouw gebruikten en gemeenschappelijk het Hattemer Holt beheerden. De nederzetting Hattem wordt in de archieven uit 891 al vermeld als ‘Hatheim’.

De kern van Hattems oudste nederzetting lag destijds ruim een kilometer oostelijker dan de huidige stadskern, namelijk op de Gaedsberg, aan een binnenwater thans de Waa genoemd. Op deze hoge plek, vlak bij het water, stond Hattems kerkje tevens dicht bij de akkers op de Enk die daar direkt ten Noordwesten lagen. In 1176 werd Hattem een zelfstandig kerspel.

Ongeveer in diezelfde tijd van kerkelijke verzelfstandiging, is de kern van Hattem verhuisd naar de plaats van het huidige oude stadje, waar men op een kleine natuurlijke hoogte aan de bouw van de Grote Kerk aan de Markt is begonnen. Vermoedelijk was de aanleiding voor deze verplaatsing het feit dat men dichter bij de IJssel wilde wonen. Hieruit blijkt, dat in ieder geval een deel van de Hattemers meer op de rivier dan op de akkerbouw op de Enk was gericht. Dit kan op koopmanschap wijzen, maar ook op riviervisserij en zelfs op veeteelt op de weiden in de buurt van de rivier. De oude kerk op de Gaedsberg en het kerkhof er omheen raakten snel in onbruik, maar niet in vergetelheid, want men bleef voor het kerkhof zorg dragen.

Vanwege de strategische plek schonk de graaf van Gelre het piepkleine plaatsje (hooguit 400 meter in doorsnede) in 1299 stadsrechten en werd het van stevige stadsmuren en poorten voorzien.

In 1401 schonk hertog Willem een grote uiterwaard (de Hoenwaard) aan de burgers binnen de stadsmuren die daar hun vee mochten laten grazen en steen mochten bakken.
Beide elementen zouden van groot belang voor Hattem worden. Eeuwenlang, tot in de jaren 50 van de 20e eeuw, stonden 's winters honderden koeien binnen de stadsmuren op stal. Baksteenverslindende bouwwerken konden worden aangepakt. De hertog zelf gaf hierbij het voorbeeld.

De Dikke Tinne

De Hertogen Willem I en Reinaud IV van Gelre verbouwden tussen 1401 en 1404 hun 'huis te Hattem' tot een goed verdedigbare burcht, Sint Lucia genaamd. De burcht werd het kleinste kasteel van Nederland met de dikste muren. De twee grote torens hadden een doorsnede van 21 meter en hun muren waren 7 meter dik.

Het kasteel werd in de volksmond al gauw de Dikke Tinne genoemd. In de bijnaam klinkt het ontzag door voor de torens (tinnes) met de dikste muren van Nederland.

Aan beide uiterste grenzen van het platteland van Hattem verrezen in de middeleeuwen twee kloosters: Hulsbergen en Klaarwater. In de 80-jarige oorlog (1568-1648), waarin Hattem zich vroeg bij de opstandelingen aansloot, zijn de kloosters na een beeldenstorm gesloopt

Hattem, Hanzestad op de Veluwe

In de Middeleeuwen werd Hattem lid van het Handelsstedenverbond, dat zich uitstrekte van de Oostzee tot Brugge, dat we de ‘Hanze’ noemen.

Economische terugval

In de Staten van het kwartier van Veluwe was Hattem met Arnhem, Harderwijk, Elburg en Wageningen stemhebbende stad

gedenksteen in gebouw,  HattemTerwijl zich in de eerste helft van de 17de eeuw een bloeiperiode voordeed, waarin verscheidene nu nog resterende mooie panden werden gebouwd, alsmede schitterend kerkmeubilair en het klokkenspel tot stand kwamen, is Hattems welvaren daarna ingezakt.

De algehele malaise in de landbouw, de pestepidemie van 1656, toen ruim een derde van de bevolking overleed, en de bezetting van de Munstersen en Fransen in 1672 en 1673 met hun brandschattingen, zijn rake klappen voor het economische leven geweest.

In 1786 was Hattem een patriottenbolwerk onder leiding van Herman Willem Daendels.

De Hattemer predikant Anthony Brummelkamp was in 1835 een van de voormannen van de Afscheiding.

Rond 1900 zochten veel schilders Hattem op om er te werken. Hun middelpunt vormde de hier wonende IJsselschilder Jan Voerman.

Dijkpoort, foto Page Up design

Beschermd stadsgezicht

In 1972 werd aan Hattem het predikaat beschermd stadsgezicht toegekend.

Het stadsbestuur heeft in de loop der jaren veel geld gestoken in de daadwerkelijke bescherming en verbetering van het stadsgezicht. Ook van de provinciale overheid en van de rijksoverheid hebben aanzienlijke geldstromen een bestemming gevonden in Hattemse restauratie- en renovatieprojecten.

Een van de hoofddoelstellingen van het op de oude binnenstad betrekking hebbende bestemmingsplan was en is het bevorderen van de leefbaarheid en het wonen in die binnenstad.

De historische binnenstad herbergt vele monumenten. Dominerend in het stadsgezicht is de Grote Kerk, ook wel Andreaskerk genaamd. Het marktplein ademt een sfeer van oudheid: de aan dit plein staande panden zijn allemaal fraai gerestaureerd, met als blikvanger het stadhuis dat werd gebouwd in 1619 en volgende jaren. De zeer grondige restauratie van het stadhuis is in 1979 voltooid.

luchtfoto hattem, copyright Page Up design

 

De geschiedenis van de Hanze

In de veertiende eeuw was de ‘Hanze’ een economisch verbond tussen in eerste instantie Duitse steden.

Het doel van deze samenwerking was het beschermen van de aangesloten kooplieden en het uitbreiden van de handel.

Voor de middeleeuwse koopman was de Hanze een invloedrijke partner en een grote bron van kennis en informatie.

De Hanze wist welke handelsroutes veilig waren en, nog veel belangrijker, waar en aan welke artikelen behoefte was. De Hanze was dus een handelsbelangenorganisatie.

bron: http://www.recreatie-fietsen.nl/

In haar glorietijd kende het Hanzeverbond maar liefst 150 leden, vooral in Duitsland en Nederland maar ook in Scandinavië, Polen, Vlaanderen, tot in Spanje en Portugal toe.

De handelsstroom bestond uit artikelen als zout, vis, granen, hout, bier, wijn, laken, bijenwas en pelzen. De zee en de rivieren vormden een belangrijke schakel in het vervoer van deze goederen mede dankzij de ontwikkeling van de kogge, tot de 15de eeuw het belangrijkste handelsschip.

In de Hanzesteden heerste in deze eeuwen volop bedrijvigheid en de economie bloeide als nooit tevoren.

De welvaart uitte zich in imposante nieuwe bouwwerken, sierlijke koopmanshuizen en indrukwekkende handelskantoren. De van oorsprong kleine nederzettingen groeiden uit tot machtige steden met imponerende stadsmuren en poorten.

De welvaart deed tevens zijn invloeden gelden op andere gebieden. Schilders, bouwmeester, dichters en filosofen vestigden zich in de stad en zorgden voor een bloeiperiode op artistiek gebied. Er was sprake van een Gouden Eeuw ‘avant la lettre’. Elementen die met elkaar hun sporen hebben achtergelaten in ons prachtige Hanzesteden langs de IJssel!

bron: www.hattem.nl

Sponsors

  • Man Hattem
  • Herberg Molecaten
  • Page Up design
  • Rabobank